Leiders doen het nooit goed


Vijf Rollen – Teamwerk is fantastisch als het lukt, maar het gaat niet altijd vanzelf. En het werk van de project- en teamleider is al evenmin kinderspel. Op papier is het een onmogelijke taak, vol dilemma’s en tegenstrijdigheden. Toch worden sommige project- en teamleiders door hun mensen op handen gedragen.

Er is de laatste jaren veel interesse voor leiderschap in organisaties. Men vindt dat er een ‘gebrek’ aan is, en niet zelden klinkt de roep om dienend, authentiek, natuurlijk en vrouwelijk leiderschap. Managers worden afgedaan als regelaars, mensen die ‘op de winkel passen’. De man of vrouw met visie daarentegen, dat is de leider. Toen teamwerk een hit werd in de jaren negentig van de vorige eeuw, was dat meestal in combinatie met het thema ‘zelfsturing’. Er ontstond een ideaalbeeld van het team dat geen leider nodig had.

Deze opvattingen kom je nog steeds tegen, al is men vaak wel teruggekomen van de leiderloze teams. Het werkte eenvoudigweg niet. Niet in de context van de gangbare organisatie, die nog steeds piramidaal is opgebouwd en waar individuen worden beloond (zelfs ‘afgerekend’), niet het collectief. Zolang een team functioneert in een context van moeten presteren, van zich moeten verantwoorden en van stevige concurrentie is het doorgaans gebaat met structuur, aansturing en beoordeling.

Drie ingrediënten

Leiders zijn daarvoor de aangewezen personen. Geen team kan zonder drie belangrijke ingrediënten: coördinatie, inspiratie en zorg. Dit kan uiteraard door alle teamleden worden geleverd, in dat geval is er misschien niet één leider, maar wel leiderschap.

In de praktijk kom ik meer teams tegen die klagen over een tekort, dan over een teveel aan leiderschap. Want hoewel het enthousiasme over zelfsturing flink is getemperd, hebben veel organisaties de laatste pakweg twintig jaar flink gesneden in hun management. Er is onophoudelijk gedelegeerd, empowered en taakvolwassen gemaakt. Directe aansturing was vies en verdacht, en iedereen is wel een keer op cursus geweest om meer verantwoordelijkheid te kunnen dragen, de eigen ontwikkeling ter hand te nemen of vergeten talenten te herontdekken. De managers die overbleven, leerden intussen coachen.

Toch lijkt de taakvolwassenheid minder hard gegroeid dan dat sturing is afgebroken. Het resultaat is wat ik een stuurvacuüm noem. Iedereen is professional, niemand laat zich nog wat zeggen. Maar ‘iedereen’ klaagt ook dat er geen afspraken worden nagekomen en dat de boel niet vooruit te branden is.

Leiderschap nodig?

Er zijn twee factoren die bepalen of een team een leider ‘nodig’ heeft. De taakvolwassenheid noemde ik al. En er is de mate van vrijblijvendheid. Hoe minder het uitmaakt wat een team produceert, hoe meer je het op z’n beloop kunt laten. Je kunt zeggen dat er een glijdende schaal van leiderschapsbehoefte is. Met aan de ene kant het team dat autonoom is, en aan de andere kant het klassieke baasje.

Wat gebeurt er in een taakgerichte groep zonder leider? Na verloop van tijd zullen teamleden behoefte krijgen aan iemand die een oordeel velt, iemand die een compliment geeft, die de communicatie naar buiten toe verzorgt, die kan bemiddelen bij conflicten, die durft te zeggen wat anderen niet zeggen, die structuur aanbrengt in de vergadering. Kortom, aan leiderschap.

Meestal krijgt een groep zonder leider uiteindelijk last van apathie of chaos. Apathie ontstaat als er niemand is die als katalysator optreedt, die richting geeft. De groep verliest energie, vaak met gevoelens van machteloosheid, zinloosheid en frustratie. Chaos krijg je als er wel veel energie is, maar geen focus. Er is niemand die de inspanningen op één punt richt. De groepsleden werken langs elkaar heen of zelfs tegen elkaar. Dit laatste wordt nog erger als meerdere teamleden in het ‘machtsvacuüm’ springen en elkaar gaan beconcurreren.

Ongelofelijk moeilijk

Kortom, een leiderspersoon is vaker wel dan niet handig. Maar, en nu komt het: hij kan het bijna nooit goed doen. Het leiden van een team is ongelofelijk moeilijk. De valkuilen liggen voortdurend op de loer. De een is te strak, de ander te los. Zo wil men richting, dan weer ruimte. Er wordt sowieso veel geklaagd op het werk, maar de teamleider is toch echt de kop van Jut. Echter, de keerzijde is hoopgevend.
Als het je lukt om de juiste toon te treffen, de juiste balans te zoeken, dan word je op handen gedragen.

Een goede project- en teamleider is een ware evenwichtskunstenaar. Hij ondervindt tegenstellingen en dilemma’s die vragen om subtiele afwegingen.

Lees hier verder welke dilemma’s er zijn en hoe je hier mee om moet gaan als leidinggevende van (bijvoorbeeld) een project